Franz Schubert (1797-1828)Nacht und Träume, D. 827 (arr.)An die Musik, D. 547 (arr.)Der Jüngling an der Quelle, D. 300 (arr.)“Arpeggione” Sonata, D. 821
Gecomponeerd in 1824, is de Sonate in a-mineur een van de zeldzame werken die Franz Schubert schreef voor de arpeggione, een inmiddels verouderd snaarinstrument. Wisselend tussen melodische lijnen en meer dramatische uitbarstingen, hanteert hij een opmerkelijk vloeiende compositiestijl, ondersteund door een verfijnd samenspel met de piano. Al snel getranscribeerd voor andere instrumenten, met name de cello, verzekerde de sonate zich van een blijvende plaats in het repertoire. Zo ontvouwt zich een compositie waarin Schuberts melodische verbeeldingskracht in al haar glorie wordt getoond.