Een van de krachten van het theater is het vermogen om op het toneel wezens samen te brengen die lijnrecht tegenover elkaar staan. Dat is wat Sélène Assaf ons voorstelt in een solo-voorstelling waarin ze haar twee grootmoeders vertolkt, de ene Libanees, de andere Frans. Geschreven op basis van interviews en herinneringen, wordt de autobiografie hier gecombineerd met een reflectie over identiteit en de ambivalentie van het zich bevinden tussen verschillende werelden: welk intiem antwoord moet men geven op het idee van erbij horen, wanneer dit ons tegelijkertijd verrijkt en verdeelt?
Geboren in Parijs, opgegroeid in Brussel en haar zomers doorgebracht in Beiroet, kent de actrice de rijkdom van multiculturaliteit van binnenuit, maar ook de mogelijke verscheurdheid ervan. Haar leven bestaat uit geografische en emotionele verplaatsingen waaruit ze krachtig put, gedragen door de soundtrack van haar familiegeschiedenis, tussen Fayruz en Billie Holiday. Als een delicate evenwichtskunstenaar die afwisselend Téta en Néné, haar twee grootmoeders, vertolkt, navigeert Sélène Assaf tussen het kleine meisje dat ze was, het verleden en het heden, haar subjectiviteit en het collectieve geheugen.
Terwijl ze de vrouwelijke beschermfiguren uit haar geschiedenis bevraagt, knoopt ze een dialoog aan met het publiek over het leven, vrouwelijkheid in al haar complexiteit, mannen, ballingschap, haar verlangens en haar vreugden.