Twee kleine meisjes komen met hun vader in een groot huis op het platteland wonen om dichter bij het ziekenhuis te zijn waar hun moeder verblijft. Ze ontdekken het bestaan van wonderbaarlijke, maar zeer discrete wezens: de totoro's. De totoro is een zeldzaam en fascinerend wezen, een geest van het bos. Hij voedt zich met eikels en noten. Hij slaapt overdag, maar op nachten met volle maan speelt hij graag met magische ocarina's. Hij kan vliegen en is onzichtbaar voor mensen...