Nick en ik zijn twee handen op één buik
Wij doen alles samen.
Wij eten samen,
Wij maken samen muziek,
Wij overleven samen.
Wij zitten samen in een bunker.
Diep onder de grond.
‘Niks doet er toe, zolang de deur van deze bunker maar dicht blijft', zegt Nick.
Nick weet veel. Al goed.
Ik weet niet zo veel. Ik ben vooral bang.
Nick niet, zegt hij. Maar ik weet dat dat niet waar is.
Ik ken hem zo goed, dat ik weet wat hij denkt en voelt.
Denk ik.