Olivier Messiaen schreef zijn Quatuor pour la fin du temps toen hij kort na het begin van de Tweede Wereldoorlog als Franse krijgsgevangene in een Duits kamp zat. In dat kamp, Stalag VIII A in Görlitz, vond ook de eerste uitvoering plaats. Voor dit indringende en door zijn bijzondere ontstaansgeschiedenis beladen werk, vond de componist inspiratie in het kleine zakbijbeltje dat hij van de Duitsers bij zich mocht houden. Messiaen las met name de Openbaring van Johannes. Het ‘einde van de tijd’ slaat niet op het vergaan van de wereld, maar op het wegvallen van de tijdsdimensie, zoals die in de tekst van Johannes door een engel wordt aangekondigd: “Er zal geen tijd meer zijn”. Er was wellicht geen componist die de ‘tijdloosheid’ beter in klank kon omzetten dan Olivier Messiaen. Het Quatuor groeide uit tot een van de meest iconische composities van de bewogen 20e eeuw. Voor Annelien Van Wauwe is het een zeer indrukwekkend werk, dat zowel de uitvoerders als het publiek nooit onberoerd laat.