In La Grazia keert Paolo Sorrentino terug naar het existentiële en politieke terrein dat zijn werk kenmerkt. Met Toni Servillo als Italiaanse president aan het einde van zijn ambtstermijn ontstaat een ingetogen en indringend portret van macht, twijfel en afscheid. Terwijl Mariano De Santis zich buigt over ingrijpende beslissingen, groeit de onzekerheid. Handelt hij nog uit overtuiging of uit zorg om zijn nalatenschap? In de schaduw van persoonlijk verlies vervaagt de grens tussen de man en het ambt. Met een sobere, melancholische toon schetst La Grazia een groots beeld van de eenzaamheid van leiderschap, stijlvol, contemplatief en diep menselijk.